De mythologie van het Germaanse volk

De tijdloze roep van de volksgeest

Mythen liggen aan de basis van het ontstaan van een maatschappij; ze vormen de wortel van ons denken en ons zijn. Elke samenleving en cultuur ontwikkelt zijn eigen soort tribale mythologie, waaraan het kracht, cultuur en identiteit ontleent. Mythologie vormt dan ook de etnische en spirituele voorgeschiedenis van een samenleving. Het is een onmisbaar onderdeel van het volksbewustzijn en speelt, vaak onbewust, een tijdloze en cruciale rol in ons leven. Iedereen kan, door persoonlijke inspanning, de aanwezigheid ervan herkennen in zijn eigen denken.

De esoterische mythen zijn in de kern niet gemodelleerd naar een reeks persoonlijke ervaringen, maar zijn de oorspronkelijke paradigmatische modellen die zijn vastgesteld door “hogere spirituele adepten.” De helden die men het meest bewondert, werden dan ook spontaan mythisch en inspireerden anderen tot grootse daden. Zonder Achilles en de Ilias zou Alexander de Grote waarschijnlijk nooit zijn verovering van het Oosten hebben ondernomen. En zonder Alexander zouden vele andere grote mannen uit de geschiedenis nooit hun hoogste potentieel hebben benut. In werkelijkheid is de mens “ongeboren”; hij wordt pas geboren door middel van “offer”. Afhankelijk van zijn daden in Midgard zal bepaald worden of hij geschikt is om een legende te worden en waardig is om te feesten met Wodans gevallen helden in Walhalla.

Met behulp van mythen lossen we talloze dagelijkse problemen op en bereiken we moreel evenwicht. Er is dan ook geen samenleving waarin mythologie echt verloren gaat. Traditionele gebruiken en rituelen kunnen weliswaar worden verwaarloosd, maar genetisch geheugen blijft bestaan. Deze oude gewoonten en gebruiken kunnen weer teruggevonden worden. Ook de aarde heeft een “geheugen” en blijft altijd getuige van de geschiedenis, ook al wordt haar waarde niet altijd op prijs gesteld. Mythologie fungeert als een waardevolle tijdcapsule, niet gevuld met materiële zaken maar met esoterische wijsheden die ons laten zien hoe onze voorouders in het leven stonden. Deze esoterische wijsheid, die voortleeft in volksverhalen, houdt ons culturele erfgoed intact en blijft van waarde. Wellicht waren de heidense goden, achteraf gezien, te gemakkelijk voor de mensen; het credo “leven en laten leven” was hierin belangrijk. Dit kan worden gezien als een zwakte, waardoor een vreemde religie, met wereldheerschappij en vernietiging van de natuur als doel, zijn intrede kon doen. Deze religie probeerde de etnische geesten en de traditionele wegen van het heidense volk te vernietigen.

De natuur heeft door de eeuwen heen altijd een belangrijke rol gespeeld in de oude Germaans-heidense samenlevingen. Om de tijdloze principes van de wetten van de natuur volledig te begrijpen, moeten we onze visie op geest en wezen aanscherpen. De veelzijdigheid van de natuur kent geen beperkingen; die beperkingen liggen immers in onszelf. Ons wezen is op elk niveau een intrinsiek onderdeel van de vitaliteit van het universum. Het denken heeft een enorme kracht, maar denken alleen kan onze maatschappij niet redden, net zoals het de Romeinse beschaving niet kon redden toen die zich tot het christendom bekeerde. Dit opende enkel de deur naar duizend jaar brute straffen en verraad jegens de medemens. Willen we onze maatschappij redden – en niet alleen onze eigen ziel – dan moeten we ons verstand weer gezond gebruiken en opnieuw respect tonen voor de natuur en de aarde die ons leven in stand houden.

Het Germaanse volk in de huidige westerse wereld is schokkend ver verwijderd van zijn natuurlijke wortels. In vroeger tijden schiep de diepe verbondenheid met de natuur een ecologie van metaforen; alles stond met elkaar in verband. De natuur en haar verschuivende patronen waren een verlengstuk van het levensproces. Onze heidense voorouders leefden, groeiden, hielden van en stierven als onderdeel van een harmonieuze levenssymfonie. Alles was bezield; er was geen scheiding tussen sacraal en profaan, alle leven was spiritueel. Onze inheemse mythologieën en tribale goden verbonden de mens met de natuur en haar universele wetten waaraan we eeuwig onderworpen zullen zijn. De natuur weerspiegelt de mens, en de mens weerspiegelt de natuur; beide maken deel uit van een bestaan zonder scherpe scheiding.

Natuurlijke, ongeconditioneerde intelligentie beweegt spontaan naar de waarheid in mensen die hun verstand gebruiken. De natuur schenkt haar scheppingen de kennis die nodig is om te overleven. Het Germaanse volk lijkt, door zijn lange wordingsproces, deze oeroude instincten en driften grotendeels te verliezen. De psychische band met het universele leven en de wortels van het volk nemen af. Terwijl we verder afdalen van deze basis, zullen we door ontworteling, egoïsme en verwaandheid blijven afdwalen, graviterend naar vreemde religies, rassenvermenging en materialistische bezigheden die enkel ons uitsterven bespoedigen. De natuur zal uiteindelijk juist deze afwijking bestraffen. Een samenleving die geen cohesie meer kent en geen zorg heeft voor zelfbehoud, zal uitsterven. De natuur kent geen genade voor zwakkelingen. Het Germaanse volk moet beseffen dat het enkel door vast te houden aan zijn vitale, eeuwenoude instincten een kans heeft om te overleven en niet op te gaan in een “grijze” wereldmaatschappij.

Het Germaanse volk, zijn cultuur en zijn lot moeten, zoals in de oudheid, opnieuw in overeenstemming komen met de natuur. Ons volksbewustzijn moet leren de waarheid van de dwaling te onderscheiden en zichzelf bevrijden van de verlokkingen van de materie, om zijn rechtmatige plaats binnen de perfectie van de natuur te claimen. Deze oeroude wijsheden moeten zich altijd manifesteren in onze etnische mythologieën, tradities en religies. Om het hoogste goed te realiseren, is het noodzakelijk om de betekenis van het universum te kennen en de waarheid te begrijpen.

De familie en het volk behoren twee van de belangrijkste pijlers van zorg te zijn. Door traditie waren onze voorouders sterk toegewijd aan hun “clan”. Vandaag de dag moet de “clan” van ons volk belangrijker zijn dan ooit. Zonder deze samenhang, zonder terugkeer naar de bron van onze etnische identiteit, en zonder een collectieve focus op onze toekomst als volk, bestaat er geen kans op “overleving”. Enkel opgaan in een zielloze, egoïstische, geld- en machtsbeluste wereldmaatschappij. De noodzaak om een Germaanse eenheid te cultiveren is daarom duidelijk in deze fase van de wereldgeschiedenis. Het is geen optie meer om de kop in het zand te steken, de werkelijkheid niet onder ogen te willen zien en te blijven slapen terwijl de wereld om ons heen instort. We moeten ons richten op onze innerlijke essentie, zowel als individu als volk. Wij, de kinderen van onze nobele voorouders, vertegenwoordigen het collectieve bewustzijn van ons volk. Deze oude band moeten we versterken, verfijnen en binnen onszelf zoeken naar de route die deuren opent naar onze genetische en natuurlijke instincten.

  • Terug naar artikelen