Punt 11: Opbouw van de socialistische volksgemeenschap
Onze beweging is de beweging van het Nederlandse nationalisme, wat betekent dat zij streeft naar een vrije, verenigde Nederlandse natie in een veilige en voldoende levensruimte, gelijkberechtigd met andere naties binnen een rechtvaardige vredesorde. Tegelijkertijd is onze beweging de beweging van het Nederlandse volks- en rassenbewustzijn, wat inhoudt dat zij in alle Nederlandse volksgenoten trots op hun eigen aard en de bereidheid om die te verdedigen, te beschermen en te ontplooien wil opwekken, terwijl zij elke biologische of geestelijke omvolking tegengaat. Dit alles kan alleen worden bereikt als elke volksgenoot in de Nederlandse volksgemeenschap zijn thuis vindt en daar rechtvaardig wordt behandeld. De nationaalsocialistische beweging zet zich in om de Nederlandser zijn thuis terug te geven! Maar een thuis kan alleen een echte gemeenschap zijn waarin niemand ten koste van een ander leeft, niemand uitbuit of minacht, en elke volksgenoot rechtvaardig wordt behandeld naar gelang zijn inzet voor en in de volksgemeenschap – kortom: de ware volksgemeenschap is uitsluitend een socialistische volksgemeenschap.
Daarom is zijn wij ook de beweging van het Nederlandse socialisme, dat als enige alle andere doelen kans en betekenis geeft. De socialistische eisen van het bewegingprogramma vormen dan ook het hart van de 25 punten en staan centraal in de politieke strijd en vormgeving van onze beweging! Punt 11, dat hier besproken wordt, vormt de kern en essentie van het programma en beschrijft de cruciale voorwaarde voor de opbouw van een socialistische volksgemeenschap.
De basis van de socialistische volksgemeenschap is het ethische beginsel van arbeid: elke volksgenoot heeft de plicht om, naar zijn vermogens en op zijn plaats, fysiek of geestelijk te werken voor de volksgemeenschap. Door dit te doen wordt hij een lid van de socialistische volksgemeenschap, terwijl wie zich aan deze plicht onttrekt als asociaal wordt beschouwd! In ruil hiervoor neemt de nationaalsocialistische volksstaat de verplichting op zich om alle arbeids- en moeiteloze inkomens af te schaffen – niemand mag zich verrijken aan de arbeid van een ander of enig inkomen ontvangen dat niet voortkomt uit eigen werk! Deze ogenschijnlijk eenvoudige eis heeft verstrekkende gevolgen: huurinkomsten, pacht, erfenissen die verder gaan dan persoonlijke herinneringen, en nog veel meer – voor dit alles is geen plaats in een socialistische volksgemeenschap! Alleen eigen arbeid telt, alleen die mag de bron van persoonlijk inkomen zijn. Dit inkomen zal geen klassen doen ontstaan of in stand houden en geen onderscheid kennen tussen ‘hogere’ en ‘lagere’ arbeid; de hoogte ervan hangt uitsluitend af van hoe nuttig de arbeid is voor de volksgemeenschap en hoe goed zij wordt uitgevoerd!
Dit alles vormt de voorwaarde opdat de volksgenoot in de volksgemeenschap zijn thuis herkent en het vertrouwen krijgt dat de tijden van vervreemding tussen staatsburger en staat voorbij zijn, dat uitbuiting, klassendunk en belangenkliekjes plaatsmaken voor het Nederlandse socialisme, waarvan eerlijke en rechtvaardig gewaardeerde arbeid de enige basis is! De belangrijkste eis die de opbouw van de socialistische volksgemeenschap mogelijk maakt en de vervreemding tussen staatsburger en staat opheft, is echter de breking van de zinsknechtschap. Deze eis is een van de twee sleutels tot het juiste begrip van het bewegingprogramma en is daarom in hoofdletters gedrukt om haar bijzondere belang te onderstrepen. De rente is het perverse toppunt van een uitbuitende economische vorm waarin niet enkel of vooral de mens werkt om met eerlijke arbeid zijn levensonderhoud te verdienen, maar waarin ook geld ‘werkt’. Dit leidt ertoe dat in extreme gevallen iemand die genoeg geld heeft dat voor hem ‘werkt’, zelf niet meer hoeft te werken. Maar aangezien geld in werkelijkheid niet werkt, wat betekent het dan als geld ‘rente’ oplevert en zich ogenschijnlijk vanzelf vermeerdert? Het betekent dat degene die de rente moet opbrengen, harder werkt ten gunste van degene die zijn geld voor zich laat ‘werken’. Dit tart elk gevoel van rechtvaardigheid, terwijl juist rechtvaardigheid de enige basis kan zijn waarop een echt socialisme kan worden gebouwd! Niet het privébezit van productiemiddelen of het vage marxistische begrip ‘meerwaarde’ vormt het kernprobleem bij de opbouw van een socialistische gemeenschapsorde, maar de breking van de zinsknechtschap, die het geld consequent terugbrengt tot zijn oorspronkelijke functie als pure ruilwaarde!
De breking van de zinsknechtschap is niet alleen de voorwaarde voor rechtvaardigheid naar binnen toe, maar ook voor vrijheid naar buiten. De vrijheid van een volkseconomie kan alleen worden bereikt als deze niet gebonden is aan de ketenen van de gouden internationale, aan de kredieten van de wereldwijde haute finance en aan de verwevenheid van de kapitalistische wereldeconomie, die zelfs de meeste communistische staten van hun onafhankelijkheid berooft. Er zijn wereldwijd slechts een handvol staten die wellicht niet volledig, of slechts gedeeltelijk, onderworpen zijn aan de zinsknechtschap en daarmee aan de heerschappij van de wereldwijde haute finance. Deze onderwerping willen wij voor Nederland ongedaan maken om zo de vrijheid van de Nederlandse volkseconomie te veroveren, wat een voorwaarde is voor de vrijheid van de natie!
Zowel in de binnenlandse als in de buitenlandse economie moet de zinsknechtschap worden afgeworpen. Hierbij kunnen tussenstadia nodig zijn, maar het uiteindelijke doel staat onwrikbaar vast, omdat alleen zo een Duits socialisme en een vrije natie kunnen worden geschapen. Bij het verwezenlijken van een renteloze economische orde zullen we niet dogmatisch te werk gaan, maar verschillende opvattingen, ideeën en modellen zorgvuldig onderzoeken en de overgang van het economische en financiële systeem zo aanpakken dat deze met maximale rechtvaardigheid en zonder schade aan de volkseconomie plaatsvindt. Het eindresultaat is echter een socialistische volksgemeenschap waarin geen arbeids- en moeiteloos inkomen meer bestaat en het beginsel van arbeid alle facetten van het volkse leven doordringt en vormgeeft!