De volkseconomie als basis van vrijheid

De volkseconomie dient het behoud en de hogere ontplooiing van het eigen ras en volk door autarkie, corporatisme en volksbelang vóór eigenbelang, terwijl de kapitalistische economie een parasitaire elite – gedreven door rente, speculatie en internationale uitbuiting – verrijkt ten koste van het volk en zijn soevereiniteit.

De economie in de huidige minuswereld dient één doel: de uitbuiting van volkeren door een kleine, parasitaire elite – het zionistische kapitalisme dat de wereld beheerst via rente, speculatie en internationale concerns. Dit systeem kent geen grenzen, geen loyaliteit aan ras of volk, maar alleen winst voor de weinigen ten koste van de velen. Het liberaal-kapitalisme schept afhankelijkheid: naties worden geketend aan import, aan buitenlandse schulden, aan grondstoffen die in handen zijn van vreemde machten. Het dwingt volkeren tot concurrentie met elkaar, tot loononderbieding door vreemde arbeid, tot omvolking om de arbeid goedkoop te houden. Dit is geen economie ten dienste van het volk, maar een wapen tegen het volk.

Het nationaalsocialisme stelt daar de volkseconomie tegenover: een economie die het volk dient, die geworteld is in de natuurwetten en gericht op autarkie – zelfvoorziening als basis van vrijheid en soevereiniteit. Autarkie betekent dat een natie in haar eigen leefruimte alles produceert wat nodig is voor het behoud en de hogere ontplooiing van haar volk. Geen afhankelijkheid van vreemde grondstoffen, geen onderwerping aan internationale markten, geen uitbuiting door joodse banken of multinationals. Autarkie is de economische uitdrukking van het zelfbeschikkingsrecht: een volk dat economisch onafhankelijk is, kan zijn ras zuiver houden, zijn cultuur beschermen en zijn wil vrij verwezenlijken.

In de volkseconomie staat de arbeid centraal – niet het kapitaal. De arbeider is geen loonslaaf, maar een volksgenoot die deelneemt aan de gemeenschap. Corporatisme organiseert de economie in standen en bedrijfsgemeenschappen, waar arbeiders en ondernemers samenwerken onder leiding van de staat, met volksbelang als hoogste maatstaf. Winst wordt niet geprivatiseerd door speculanten, maar geïnvesteerd in het volk: in woningbouw, onderwijs, gezondheidszorg, infrastructuur en defensie. De breking van de renteknechtschap – punt 11 van het programma – bevrijdt het volk van de joodse woekerrente, die miljarden onttrekt aan de productieve economie om parasieten te voeden.

Autarkie vereist planning en prioriteit: grondstoffen worden ontwikkeld binnen de eigen grootruimte, landbouw wordt beschermd en uitgebreid, industrie wordt gericht op duurzame productie voor eigen behoefte. Import dient alleen aanvulling, nooit afhankelijkheid. Dit schept werkgelegenheid voor het eigen volk, voorkomt omvolking door vreemde arbeid, en maakt het volk weerbaar tegen boycots en sancties van ZOG. Historisch bewees het Derde Rijk dit: ondanks boycots en grondstoffentekorten bouwde het een economie op die autarkie benaderde, met synthetische brandstof, binnenlandse landbouw en een sterke industrie – een economie die het volk voedde en bewapende.

Vandaag is autarkie dringender dan ooit. De globalisering – gedreven door zionistisch kapitalisme – heeft ons volk afhankelijk gemaakt van Chinese productie, Arabische olie en Amerikaanse technologie. Dit is geen vrijheid, maar knechting. De volkseconomie breekt deze ketenen: remigratie bevrijdt banen voor eigen volk, protectionisme beschermt de binnenlandse markt, planning richt productie op volksbehoefte. Autarkie is de economische basis van de Nieuwe Orde: een Europa dat zichzelf voedt, kleedt, bewapent en verdedigt, zonder vreemde parasieten.

De volkseconomie dient het ras – zij schept welvaart voor het volk, niet voor speculanten. Autarkie schept vrijheid – een volk dat zichzelf bedruipt, buigt voor niemand. Dit is de weg vooruit: van afhankelijkheid naar zelfvoorziening, van uitbuiting naar volksbelang. De strijd voor autarkie is de strijd voor onze toekomst.

  • Terug naar artikelen