Punt 10: Recht op arbeid, plicht tot arbeid

“De eerste plicht van elke staatsburger is geestelijk of lichamelijk werk te verrichten. Individueel werk mag niet ingaan tegen het algemeen belang, maar moet bijdragen aan de volksgemeenschap.”

De nationaalsocialistische volksstaat is gegrondvest op arbeid als ethisch beginsel. Met het nationaalsocialisme eindigt het burgerlijke tijdperk en begint het tijdperk van de arbeider! Onder ‘arbeider’ verstaan wij elke volksgenoot die, op zijn plaats en naar zijn vermogens, met volle kracht – fysiek of geestelijk – werkt binnen het geheel en ten bate van allen, dus voor de volksgemeenschap: zelfloos scheppen in plaats van zelfzuchtig graaien!

Voor de waardering en erkenning van zo’n arbeider – waartoe elke volksgenoot zichzelf moet vormen of zal worden opgevoed – maakt het totaal niet uit welke arbeid hij verricht, zolang deze maar zinvol is binnen en voor de volksgemeenschap en naar beste kunnen wordt uitgevoerd. Er bestaat geen ‘hogere’ of ‘lagere’ arbeid meer, alleen nog goed of slecht verrichte arbeid – en dienovereenkomstig zal het aanzien van de volksgenoot in de gemeenschap goed of slecht zijn. Wij zullen vooral een einde maken aan de minachting voor fysieke arbeid. Het Nederlandse volk zal opnieuw leren de edelheid van arbeid te respecteren en zal uitgroeien tot een volk van arbeiders! Dit doel komt ook tot uiting in de naam van de beweging, die zich bewust en trots de Nederlandse Arbeidersbeweging noemt!

Pas door arbeid wordt de Nederlandser werkelijk een volksgenoot en een volwaardig lid van de grote gemeenschap van ons volk. Daarom garandeert de nationaalsocialistische staat hem zijn recht op arbeid. In de nationaalsocialistische volksstaat bestaat geen werkloosheid! Omgekeerd is het echter de eerste en voornaamste plicht van de staatsburger om geestelijk of lichamelijk te scheppen. Wie zichzelf niet als arbeider ziet en zich niet dienovereenkomstig gedraagt, sluit zichzelf buiten de volksgemeenschap en is asociaal. De volksstaat zal alle burgerlijke of zelfs parasitaire levensvormen uitroeien en een ware volksgemeenschap tot stand brengen, die alleen onder het beginsel van arbeid kan en zal worden gerealiseerd.



Punt 11: Opbouw van de socialistische volksgemeenschap. Lees meer