Een nationaalsocialistische plaatsbepaling met betrekking op de Islam en Palestina
In het huidige politieke landschap speelt (pseudo-)kritiek op de islamitische religie een belangrijke rol. Voor nationaalsocialisten zou het verleidelijk kunnen zijn om zonder nadenken de islamofobe uitspraken van zionistische figuren als Geert Wilders en Filip Dewinter over te nemen om hun achterban te mobiliseren. Daarmee zouden we ons echter slechts verlagen tot nuttige idioten voor de zionistische agenda. Bovendien zouden we de historische band tussen nationaalsocialisten en hun islamitische bondgenoten groot onrecht aandoen.
Als nationaalsocialisten erkennen wij het recht van ieder volk en ras om zijn eigen lot te bepalen. In tegenstelling tot kosmopolieten en zionistische stromannen zoals Geert Wilders en Filip Dewinter, die alle vreemdelingen willen laten integreren in een gemengd bastaardras, pleiten wij juist voor segregatie en het behoud van raciale en culturele eigenheid. Dit geldt ook voor de islamitische wereld, waarmee nationaalsocialisten historisch gezien altijd goede en respectvolle banden hebben onderhouden.
Voor onze plaatsbepaling ten aanzien van de islam baseren wij ons op punt 24 uit ons beginselprogramma:
“Wij eisen vrijheid van religieuze overtuigingen binnen de staat, zolang zij het staatsbestaan niet in gevaar brengen en niet in strijd zijn met de morele en ethische overtuigingen van het Germaanse ras. De beweging staat voor een positief christendom, zonder zich te binden aan een specifieke geloofsrichting. Ze bestrijdt de joods-materialistische geest in en buiten ons en is ervan overtuigd dat een duurzame genezing van ons volk alleen van binnenuit kan plaatsvinden, op basis van de overtuiging: algemeen belang boven eigenbelang.”
De nationaalsocialistische beweging maakt hier duidelijk dat de vrijheid van godsdienst gewaarborgd is. Nationaalsocialisme is religieus tolerant en staat iedere volksgenoot toe om zelf zijn of haar weg naar God te vinden. Er wordt van volksgenoten geen religieuze belijdenis gevraagd, zolang zij zich in de eerste plaats volksgenoot voelen en hun bijdrage leveren aan de volksgemeenschap. De grens van deze religieuze vrijheid ligt daar waar religie de ontwikkeling van de volksgemeenschap belemmert. Dit wordt echter niet vanuit religieuze, maar vanuit politieke gronden bestreden; net als alle andere anti-nationale krachten.
In de praktijk betekent dit bijvoorbeeld dat als de islam binnen de levensruimte van ons volk bijdraagt aan vervreemding, dit bestreden moet worden. Maar wanneer de islam als religieuze uiting van de Arabische volkeren en naties bijdraagt aan de strijd tegen het westerse imperialisme of een ‘heilige oorlog’ uitroept tegen het wereldzionisme, beschouwen wij deze religie in de context van een nieuwe orde en het Vierde Rijk als een belangrijke bondgenoot in de strijd tegen zionistische onderdrukking.
Een historisch bondgenootschap
“Thans is Duitsland verwikkeld in een strijd op leven en dood tegen twee machtsposities van het jodendom: Engeland en Rusland. De Arabische vrijheidsbeweging in het Midden-Oosten is onze natuurlijke bondgenoot tegen Engeland en Rusland.”
– Adolf Hitler
Het Derde Rijk voerde een zware strijd om zichzelf toegang te verschaffen tot de Noordelijke Kaukasus, Afrika en het Midden-Oosten. Daarom werd een Arabisch-islamitisch leger opgericht om deel te nemen aan de compromisloze strijd van het Derde Rijk tegen het wereldzionisme. Verschillende moslimdivisies werden opgericht binnen de Wehrmacht en Waffen-SS onder het charismatische leiderschap van grootmoefti Haj Amin al-Husseini.
Ook vandaag de dag doen nationaalsocialisten er goed aan te erkennen dat islamisten een van de laatste krachten zijn die nog actief strijden tegen het wereldzionisme en zijn westerse bondgenoten. Van het Midden-Oosten en de Kaukasus tot aan de frontlinies van Palestina staan islamisten nog steeds vooraan in de wereldwijde antizionistische bevrijdingsstrijd. Daarom blijft de verklaring van SS-Reichsführer Heinrich Himmler ook nu nog onverminderd van toepassing:
“Sinds haar ontstaan heeft de nationaalsocialistische beweging van Groot-Duitsland de strijd tegen het wereldjodendom in haar vaandel geschreven. Daarom heeft zij steeds de strijd van de vrijheidslievende Arabieren, vooral in Palestina, tegen de joodse indringers gevolgd. Het besef dat deze vijand bestaat en dat daartegen een gemeenschappelijke strijd wordt gevoerd, vormt de vaste grondslag van het natuurlijke bondgenootschap tussen het nationaalsocialistische Groot-Duitsland en de vrijheidslievende moslims in de gehele wereld.”
Als nationaalsocialisten moeten we dus niet in de zionistische val trappen die kosmopolieten en zionisten zoals Geert Wilders en Filip Dewinter hebben gezet. Het was natuurlijk niet de Koran of de imam die miljoenen vreemdelingen naar ons continent heeft gestuurd; het waren interne vijanden – de kosmopolieten, de zionistische elites – die hen hiernaartoe haalden om ons volk te hervormen tot een identiteitloos bastaardras, zoals Richard Coudenhove-Kalergi en zijn medestanders dat voor ogen hadden. En nu is het wederom dezelfde vijand die zichzelf een pseudo-nationalistisch masker aanmeet om zijn aartsvijanden tegen elkaar uit te spelen.
Antizionisme als speerpunt
Natuurlijk zijn wij als nationaalsocialisten tegen elke vorm van vervreemding. Maar de oplossing voor vervreemding is geen integratie in een kleurloze raciale mengelmoes onder de vlag van zogenaamde joods-christelijke waarden. De oplossing is segregatie en behoud van eigen identiteit onder de vlag van nationaalsocialisme! Willen wij onze natie terugveroveren, dan moeten wij ons niet richten op de gevolgen (massale instroom van vreemdelingen en volksvreemde religies), maar op de oorzaken (de interne vijand: de kosmopolieten). In die zin staan wij ideologisch dichter bij antizionistische moslims dan bij zionistische stromannen en koosjere nationalisten zoals Geert Wilders en Filip Dewinter.
Hoewel veel kameraden die zichzelf nationaalsocialist noemen hun eigen geschiedenis niet zo goed kennen als zou moeten, doen veel islamisten dat vaak wel. Doordat zij vaak gevrijwaard zijn gebleven van zionistische indoctrinatie, koesteren velen in de islamitische wereld nog steeds een zekere bewondering voor het historische nationaalsocialisme, niet in de laatste plaats omdat deze ideologie ook op hun denken een grote invloed heeft gehad. Als een van de grondleggers van het Palestijnse nationalisme en het islamisme vormt grootmoefti Amin al-Husseini nog steeds een inspiratiebron voor veel islamistische strijdgroepen, zoals de Moslimbroederschap, Islamitische Jihad en Hamas. Deze strijden tegen een gemeenschappelijke vijand: “Nu gaat het om Palestina, maar morgen is een ander land aan de beurt en dan volgen weer andere landen; de zionisten zullen eerst proberen de regio onder controle te krijgen en daarna is hun streven gericht op wereldheerschappij.”
– Handvest van Hamas
Nee, onze vijand is niet de islamitische wereld; onze strijd is tegen het wereldzionisme, zijn volkenmoordcentrum in Palestina, de westerse machten en alle andere zionistische stromannen! In de geest van onze wereldbeschouwelijke voorgangers beschouwen wij iedereen die tegen de zionistische vijand strijdt als een bondgenoot! Laat iedereen die zichzelf nationaalsocialist noemt dat goed onthouden!
